Four Tet

Four Tet

Ik spring even in op het huidige succes van Kieran Hebden alias Four Tet. De volgende Bonus Footage (mijn rubriek in de Vera Krant) werd oorspronkelijk geschreven in november 2008. Hij is weer enigszins aangepast en herschreven.

Het blad OOR publiceerde eens een Top 100 van de beste platen ooit. Een kennerslijst en een publiekslijst. Dat de popjaartelling volgens OOR ergens rond 1960 begon is nog wel te billijken. De popgeschiedenis begint officieus toen een knappe blanke countryboy met zwarte muziek aan de haal ging, dit op een voor die tijd enorm geile manier de Amerikaanse huiskamers inslingerde, en daarmee de pop(pen) aan het dansen bracht. De wereld had ook voor Elvis al vele popsterren gekend. Van de bakelieten hits van Bessie Smith bijvoorbeeld gingen er ook gewoon 100.000 over de toonbank. Maar van 1920 tot 1955 was de industrie op (78rpm-)singles en zelfs bladmuziek gericht.

Opvallender was dat vele genres afwezig waren op beide lijsten. Elektronica, hardcorepunk, psychedelica, sixtiespunk, experimenteel, reggae, jazz, lo-fi, hiphop, metal, etc.; wezenlijke bijdragen aan de popgeschiedenis, maar nauwelijks plek in die top 100. “Ja, maar, jazz is geen pop.” Wat doet Miles Davis dan in de lijst? Bob Marley? Toegegeven, het is een wazige discussie wat nou wel of niet pop is. En best-of lijstjes, tsja… De overheersing van de Engelsen werd ook weer eens duidelijk. In de rest van de wereld behalve Amerika wordt blijkbaar geen belangrijke muziek gemaakt. En ondergronds ook niet, want er stonden geen onafhankelijke releases in de lijst. Maar wat mij nog het meest opviel was dat er nauwelijks instrumentale platen instonden. En dat terwijl er toch miljoenen mensen naar bijvoorbeeld dance luisteren. Ikzelf luister al heel lang met plezier naar vele soorten instrumentale muziek. Zoals die bijvoorbeeld gemaakt wordt door de amerikaan KIERAN HEBDEN, die als FOUR TET in 2005 de plaat “Everything Ecstatic” uitbracht. Alle tracks staan in clipvorm op een gelijknamige DVD die deze keer als kapstok dient voor de Bonus Footage die je op dit moment aan het lezen bent.

Four Tet is natuurlijk nog wat te vers om zich nu al in een top-whatever te mengen met Beatles, Byrds, Beach Boys of Bob. Maar waarschijnlijk zal dat ook nooit gebeuren, want blijkbaar is ‘belangrijke pop’ gekoppeld aan ‘zangers’. En populariteit. Beide zijn met elkaar verweven. Een zanger geeft herkenbaarheid. Dat draagt bij, sterker, is een voorwaarde voor populariteit. Om die herkenbaarheid te garanderen worden er tonnen, miljoenen in promocampagnes gestopt, zoals dat met elk populair artikel gebeurd. Zo kan een knappe kop het uithangbord, de verpakking, het vormpje en de advertentie voor de muzikale inhoud worden. Een poster boven het bed van tieners. Identificatie, de zanger als rolmodel, sex; je kunt er helemaal de filopsycho-kant mee op.

Maar ook kenners, zo blijkt uit de lijst, willen kennelijk graag dat muziek letterlijk en figuurlijk een gezicht heeft. En dat terwijl er veel voor te zeggen is om de zang er gewoon uit te gooien. Kieran Hebden heeft dat al door sinds hij met z’n combo Fridge aanhaakte bij een door de band Tortoise groter gemaakte trend in de underground om af te zien van zang. Postrock werd het label. Een wel heel ruim hokje, dat daarom ook weinig verhelderend werkte. Maar we zagen wat er gebeurde zonder zang; de muzikale vrijheid neemt enorm toe. Muzikanten hoeven niet meer ‘in dienst van’ te spelen. Er hoeft geen letterlijk verhaal meer verteld te worden, de muzikale trip is het verhaal. In het totaalgeluid kan elk instrument een zegje doen. Het instrumentarium wordt uitgebreid. Twee drumstellen, een orgel, koebel, xylofoon, you name it… Productietechnisch hoeft er niets naar achteren geschoven te worden omwille van de zang. Kortom, de creativiteit heeft vrij spel.

De popachtergrond van de huidige instrumentaalrockers zorgt er voor dat het meestal net geen jazz wordt, al vielen de woorden ‘fusion’ en ‘geneuzel’ om de haverklap toen zo’n 10 jaar geleden de eerste postrockbands in Vera stonden. Ook bij het briljante Mice Parade bijvoorbeeld. Four Tet gaat vooral over ritmiek. Soms knallen de drums (Hebdens originele instrument), soms is het minimaal als een Philip Glass. Melodieën houden het poppy, elektronica geeft kleur aan het geluid. Het ‘gezicht’ van de muziek is in handen van videoproducenten. De tien clips op “Everything Ecstatic” zijn kunstwerkjes. Animatie, found footage, ingenieuze camerastandpunten, beeld en muziek volkomen los van elkaar; er wordt gezocht, en vaak –niet altijd- wordt er ook gevonden. Het hoofd van Hebden zien we niet. Nou ja, even, als kleipop. Alsof-ie mijn verhaal hier kracht wil bijzetten en de anonimiteit bewust zoekt. Met de grote hoeveelheid releases tegenwoordig is dat sowieso het lot van bijna elke muzikant. Succesvol zijn wordt ook steeds moeilijker. Een plaat als DVD uitbrengen vind ik in de huidige tijd ook heel logisch. We kijken muziek, en downloaders hebben in dit geval het –euhm- nakijken. Als bonus ‘footage’ zit er dan ook nog een fraai CDtje bij met een half uur remixen en extra tracks.

Maar Four Tet in een toekomstige Top 100? Denk het niet. Zelfs het incidentele (instrumentale) succes van “Kid A” en een band als Battles zal de behoefte aan een leuke kop in beeld, of die nou blank of zwart is, bij het grote publiek en zij die hen voeden waarschijnlijk nooit wegnemen.

Paul Schwarte

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s