Kiwileaks deel 5

De kiwirock, zoals ik die in de jaren 80 en 90 volgde, speelde zich vooral af in Dunedin, Auckland, Wellington en Christchurch. ChCh is met 380 duizend inwoners na Auckland de grootste stad. The Clean nam er in 1982 de video voor “Anything Could Happen” op. De twee aardbevingen die ChCh recentelijk troffen geven die titel ineens een vreemde lading.

Een fraaie stad is er te zien in de video van mijn favoriete nog levende band. Dit weekend zag ik echter een andere video: ChCh na de ramp. Een oud nummer van The Bats vormt een passende soundtrack bij alle ellende. Door Japan was dat al weer enigszins van m’n radar af (zo gaat dat, blijkbaar…), maar daar is door de video verandering in gekomen.

Zo’n 800 historische gebouwen zijn vernield, zo lees ik op de Wiki. Stel je dat eens voor in je eigen stad… Het oude kantoor van label Flying Nun zit er ook bij. In de video is een gapend gat in de voorgevel te zien. Dat zal plat moeten. Voor mij is dat alsof je Abby Road of Graceland plat gooit.

Eerste kantoor van Flying Nun na de aardbeving

FN speelt een centrale rol in de geschiedenis van NZpop, en dus speelt het ook een belangrijke rol in mijn persoonlijke muziekhistorie. Oprichter Roger Shepherd trekt nu weer zelf de kar. Nadat het label werd verkocht aan major EMI heeft hij vorig jaar (met hulp van o.a. Neil Finn) alle rechten teruggekocht. Beter, want enigszins bekoeld was de liefde wel.

Slechte distributie en dure importprijzen begonnen rond de millenniumwissel op te breken. Kiwirock had geen prioriteit voor EMI dat daarmee de boel niet naar een volgend level trok. Sterker, ze zagen daar geen nut in re-releases en de boel ‘in print‘ houden, en ook op het web was er nauwelijks iets te vinden uit de rijkgevulde backcatalogus. De handel bloedde dood. Bovendien verloor de nieuwe kiwirock wat typerende eigenschappen. Vettere producties en een internationaler geluid waren daar vooral debet aan. Met de komst van internet werd de wereld kleiner. In het isolement van met name de jaren 80 ontstonden spannende dingen, maar dat voordeel bij het nadeel is nu toch wel voltooid verleden tijd.

Roger Shepherd

Maar in die twee laatste decennia voor 2000 was het bal! FN nam me ook via een brede catalogus aan het handje mee naar onbekende (pop-)terreinen. Dat hadden wellicht ook andere labels kunnen doen (en die waren er ook), maar FN was m’n belangrijkste gids. Ik denk dat de eerdere Kiwileaks wat dat betreft boekdelen spreken. Als daarmee het misverstand wordt opgehelderd dat alle FN-bands hetzelfde klinken (vaak gehoord destijds), dan is mijn missie al geslaagd.

Ik hoop een andere missie, namelijk om zelf eens naar de andere kant van de wereld te reizen, ooit zelf nog te volbrengen. Duidelijk is wel dat ik me een tripje naar ChCh heel anders had voorgesteld. Anything could happen…

Ook in de volgende 10 video’s gaat het weer alle kanten op. Al zitten er dit keer ook veel non-FN-releases tussen. Even op het linkje klikken, en u wordt doorverwezen naar de firma You Tube of elders.

KIWILEAKS 31 t/m 40

31. Flesh D-Vice – Invisible Man (1985)

De over-the-top punkrock van deze frisse boys overviel me aardig in een tijd waarin ik nog nauwelijks wist welk leven er naast FN in NZ bestond. Dit was andere koek! Die ik me als liefhebber van vroege hardcorepunk ook best liet smaken. Ik bestelde de platen zelfs direct bij zanger Gerald Dwyer. Die zou later het populaire Shihad nog managen totdat het trieste bericht kwam dat hij was overleden. Jayrem was hun label, leverancier van de hardere kiwishit.

32. The Situations – Sister (2006)

Toen The Situations in Vera een cover deden van het bijzondere kiwirockgezelschap The Axemen, en ik hard riep om hun grote hit “Fred & Barney”, was de band met drummer Stu gelegd. Later zou hij een paar dagen bij me logeren (hele aardige kerel). Stu was op zoek naar een Europees label voor z’n band. Met Munster vond hij het in Spanje, al tast ik in het duister over hoe en wat (The Situations hebben geen officiële site…). Nummertje hier komt van hun debuut. Altijd fijn om nieuwe kiwirock te horen die nog gewoon door oude kiwirock geïnspireerd is.

33. Dadamah – Scratch Sun (1991)

Toen The Dead C met hun ‘deconstructivistische’ rock de kiwirock (en meer) een nieuwe impuls hadden gegeven, kwamen er meer -euh- schapen over de dam. In Dadamah horen we o.a. meestergitarist Roy Montgomery en Peter Stapleton. Beide kenden elkaar nog van Pin Group, de eerste band op FN (’81). Andere related bands zijn The Terminals, Scorched Earth Policy, The Shallows, Flies Inside The Sun, Doramaar en Rain. Maar Dissolve, het vervolg op Dadamah, werd het bekendst met twee platen op label Kranky. Dat deed ook de reissue van Dadamah’s enige album, waarmee meteen ook de richting aangegeven is. Dit is de tweede single. Bijzondere muziek.

34. Over The Atlantic – Drama (2008)

Kiwirock anno nu. ‘Pop’ is wellicht een beter hokje. Weg met de randjes en rafeltjes, Nik Brinkman (ook Ejector) en Bevan Smith houden het netjes. Zoetjes zelfs. Mooi gestroomlijnde en verzorgde songs die vooral teruggrijpen naar de Britse (synth-)pop van de 8ties. Met het debuut “Junica” werden ze zelfs Carpark-labelgenoten van Beach House, Ariel Pink en Animal Collective. Hipsters beware! Tegenwoordig, met die steeds korter wordende lijntjes, is er meer dan ooit hoop en kans op een serieuze muzikale carrière voor kiwirockpoppers.

35. The Transistors – Real Kids (2009)

Nog meer jong talent. Naam en titel kunnen maar 1 kant op wijzen: punkrock. Klopt. Platgetreden pad, maar The Transistors slagen er in om frisjes de eindstreep te halen. Geen gezeik, spelen. 2 tot 3 minuten knallen, en klaar. En opnieuw knallen. Beetje garage hier, beetje powerpop daar. Gouden formule, niet kapot te krijgen. Wat mij betreft. Dit komt van de 10″ “Shortwave”: 11 nummers in 21 minuten, inmiddels ook op een kaal glimmend schijfje te koop. Blijft alleen de vraag: Where have the Real Kids gone?

36. Toy Love – Live in Australia (1980)

Opnieuw een Toy Love Kiwileak. Ik had me voorgenomen alleen filmpjes van plaatjes te pakken (en dan ook nog van de onbekendere shizzle), maar omdat dit zo’n bijzondere live-opname is krijg je ‘m er even tussendoor. Lees hier meer over Toy Love.

37. Mi-Sex – Computer Games (1979)

Dikke hit destijds, ook in NL. Ik zong ‘m mee zonder dat ik kon vermoeden dat deze computergestuurde pop meer dan 30 jaar na dato in een speciale serie over NZpop zou staan. Aanstekelijke oorwormdeun blijft het. Wat is er verder bekend over Mi-Sex? Niets bijzonders. Paar door mij nauwelijks gehoorde platen en singles, en rentenieren op basis van één wereldhit. Denk ik.

38. King Loser – ’76 Come Back Special (1996)

Dick Dale meets Sonic Youth in een kelder met een taperecorder: dat was steeds de zin waarmee het geluid van King Loser werd samengevat. Eentje die de lading aardig dekt. Chris Heazlewood (ook Olla) is de main man. Doet geweldige dingen met zes snaren. Debuut “Sonic Super Free Hi-Fi” heeft de voorkeur vanwege de rauwheid en het experiment, maar deze video haalde uiteindelijk Kiwileaks omdat het een video is (…). Voor surfers is dit wellicht wat te freaky, maar misschien zijn de golven voor de kust van NZ wat groter en wilder dan elders?

39. Chris Knox – Face Of Fashion (1984)

Oude song van Chris Knox (Toy Love, Tall Dwarfs) die later zou verschijnen op de single waar je het hoesje van ziet. Als ik het wel heb. De video maakt het bijzonder. Maar kijkt u zelf even. Dit citaat is ook mooi: “I saw Chris perform once (at the Maidment B i think) where he came on stage naked except for his fortutiously low slung guitar and a paper bag on his head. He then projected this looping clip onto the paper bag on his head for the duration of the performance. Priceless.”

40. Home Brew – Wednesday (2008)

Kiwihiphop, anyone? Ach, doet u mij maar een glaasje. Home Brew? Ja, lekker. Nee, NZ-hiphop hoorde ik nauwelijks de vorige eeuw. Upper Hutt Posse was een naam die ik wel eens tegen kwam. Maar anno 2011 is hiphop populair in NZ. Dat Auckland zo’n 2000 gangs kent met (hele) jonge Maori’s die graag Amerikaantje spelen -een serieus probleem daar- laten we even buiten beschouwing. Muzikaal ben ik me nog wat aan het oriënteren. Daarbij kwam ik Home Brew dus tegen. Mijn hiphop heb ik het liefst een beetje buiten het boekje (denk Stones Throw, Anticon, Def Jux), maar ouderwets met goedlopende raps en fijne beats gaat er ook in. In die behoefte voorziet HB. Hun hele handel staat op Bandcamp (“Fuck recordlabels”, lees ik op hun MySp), dus daar hoef je het niet om te laten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s